
Stelvio voor Pyreneeën
Ruim 2700 meter hoog, 48 haarspeldbochten en een gemiddeld stijgingspercentage van 7,7 procent. Dat is de Stelvio pas in noord Italië. Dinteloorders Robbert Dam, Bart Kraan en Tony en Terry Pietjouw hebben de pas bedwongen. Een opwarmertje voor de Ride4Kids Pyreneeën Challenge.
De vier maken deel uit van Cycle Club Dinteloord (CCD). Onder de naam 'team Ruben' doen ze met nog acht toerfietsers mee aan de Pyreneeën Challenge op 11, 12 en 13 september. Doel van die tocht is geld inzamelen voor de strijd tegen energiestofwisselingsziekten bij kinderen. Het geld gaat naar wetenschappelijk onderzoek, met als doel de ontwikkeling van een medicijn. Daarnaast gaat er geld naar onderzoek en behandeling.
Trainen
Wekelijks trainen de deelnemers aan de challenge om conditie op te bouwen. Fietsen over de weg - in het vlakke polderlandschap - is echter een heel andere discipline dan bergen beklimmen. Zodoende is het idee ontstaan om de Passo dello Stelvio te beklimmen. Een 2758 meter hoge bergpas in de Italiaanse Alpen. Voorafgaand hebben de vier renners aan een toertocht deelgenomen in Toscane, de Chianti Classico. Zodoende hadden ze kilometers in de benen. Zondag 27 juli was het zover. De dag van de beklimming. Vanuit het plaatsje Prato zijn de mannen begonnen aan de 24,3 kilometer lange beklimming. Voor Robbert Dam was het de eerste keer dat hij een berg beklom. Hij vond het pittig. Dam herrinert zich vooral het moment dat hij boven de boomgrens fietste. ,,Ineens zie je de top met het restaurant. Toen ik alleen maar denken: ik ga het doen." Bart Kraan vond de klim lang en zwaar. Desondanks heeft hij genoten. ,,Vooral achteraf. Tijdens de beklimming heb ik afgezien."
Kramp
Voor Tony Pietjouw gingen de eerste zestien kilometer goed. Daarna kreeg hij last van kramp. ,,De bochten zijn genummerd. Je telt af van 48 naar 1. De laatste tien gingen het zwaarst." Van de vier renners was Terry Pietjouw als eerste boven. Hij vond het een mooie beklimming. ,,Leuk, maar zwaar. Je bent continu aan het klimmen en krijgt geen moment rust. Onderweg ben ik gestopt om foto's te maken. Het uitzicht is prachtig." Terry beklom de Stelvio in 2 uur en 3 minuten. De andere drie volgenden in eigen tempo. Alleen Terry kwam droog aan. De anderen kwamen in de regen en mist boven. ,,Boven was het een graad of zes", zegt Terry. ,,We waren blij dat onze vrouwen en kinderen boven met droge kleren stonden te wachten." Na een kort rustmoment is de afdaling ingezet. Met 70 kilometer per uur raasden de renners in veertig minuten naar beneden. De vier benadrukken dat de Stelvio een flinke uitdaging is. Zelfs met de auto. ,,De weg is smal. Je kunt niet om de bocht kijken. Complimenten aan onze vrouw. Ze waren een grote steun en motivatie voor ons."
Aubisque
Op dinsdag 9 september vertrekken de renners naar de Pyreneeën om deel te nemen aan de challenge. De eerste rit is op donderdag 11 september. Dit maal zonder vrouwen. De motivatie voor het beklimmen van diverse col is het goede doel, waaronder de Col du Soulor en klassiekers als de Aubisque. Beklimmingen die regelmatig in de Tour de France zijn opgenomen. De deelnemers rijden zo'n 120 tot 130 kilometer per dag, met op de laatste dag de beklimming van de col d'Aspin met een maximale stijging van 8,5 procent. Bart Kraan heeft volgens de website van de challenge inmiddels 1349 euro ingezameld voor het goede doel. Tony Pietjouw 1075 euro, Terry Pietjouw 720 euro en Robbert Dam 865 euro.









